V.S.A.B. Vergemakkeling SchadeAfhandeling Beroepsziekten.

“Het is schrijnend dat mensen, die door hun ziekte toch al zo zwaar getroffen zijn, vaak zo lang moeten vechten om schadevergoeding te krijgen. De bewijslast ligt nu volledig bij de werknemers.” (Ton Heerts – commissievoorzitter)

Schadeafhandelingen van beroepsziekten – zoals ziekten die veroorzaakt zijn door Chroom-6 – moeten in de toekomst eenvoudiger worden. De onafhankelijke commissie ‘Vergemakkelijking Schadeafhandeling Beroepsziekten’ (VSAB) werkt aan voorstellen om procedures minder ingewikkeld, kostbaar en tijdrovend te maken.

Uiteindelijk moeten slachtoffers van beroepsziekten de geleden schade, als gevolg van blootstelling aan gevaarlijke stoffen, makkelijker kunnen verhalen. De commissie presenteerde recentelijk haar advies aan de staatssecretaris voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid. 

De door de commissie voorgestelde algemene tegemoetkoming moet snel en zonder hoge drempels verkregen kunnen worden. Voorwaarde is dat het aannemelijk is dat een ziekte veroorzaakt is door het werken met gevaarlijke stoffen. Zo’n regeling moet openstaan voor alle (voormalig) werkenden die getroffen zijn door een beroepsziekte als gevolg van het werken met gevaarlijke stoffen.

Op 12 Juli 2020 geeft de op 9 juli aangetreden staatssecretaris van Sociale Zaken Bas van ’t Zand het volgende aan: “Het kabinet gaat ‘werk maken’ van een schaderegeling voor wie ziek is geworden door te werken met gevaarlijke stoffen.

Uiteraard is het afwachten hoe lang deze nieuwe schaderegeling op zich zal laten wachten…….

Nieuwsbericht : Inspectie SZW controleert arbozorg in garagebedrijven

Nieuwsbericht | 16-06-2020 | 09:00

De Inspectie SZW gaat bij garagebedrijven controleren of zij voldoen aan arbowetgeving. Het gaat erom dat bedrijven kunnen laten zien dat zij gezondheids- en veiligheidsrisico’s in kaart hebben gebracht in een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en dat zij een plan hebben gemaakt om werknemers te beschermen. Bovendien zijn werkgevers verplicht om een basiscontract af te sluiten met een arbodienst of bedrijfsarts.

De Inspectie SZW gaat bij bedrijven de RI&E’s, plannen van aanpak en basiscontracten schriftelijk opvragen en houdt daarbij rekening met de gevolgen van de coronacrisis en de richtlijnen van het RIVM om verspreiding van het coronavirus te voorkomen. Wanneer bedrijven de documenten niet overleggen, legt de Inspectie SZW een boete op.

Het doel van de controle is ervoor te zorgen dat werknemers in garages gezond en veilig kunnen werken. Arbozorg vormt hiervoor de basis. Jaarlijks vinden op de werkvloer vele ongevallen plaats, helaas ook met fatale afloop. Ook worden mensen ziek door hun werk. De Inspectie SZW wil dat tij keren, te beginnen door te stimuleren dat bedrijven aan de slag gaan met preventieve maatregelen. Werkgevers die actief met deze documenten werken, beheersen de risico’s in hun bedrijf beter. Dit heeft een positief effect op de veiligheid en gezondheid van medewerkers en leidt tot minder uitval, ongevallen en lagere kosten. Bij garagehouders ziet de Inspectie SZW met name risico’s op het gebied van fysieke overbelasting, gevaarlijke, kankerverwekkende stoffen zoals dieselmotoremissie en de veiligheid van machines zoals hefbruggen, lasapparatuur en pneumatisch handgereedschap. Werkgevers zijn verplicht om de arbeidsrisico’s te inventariseren en maatregelen te treffen zodat werknemers gezond en veilig kunnen werken.

Vanwege de coronacrisis is de werkwijze van de Inspectie SZW anders dan gebruikelijk. De Inspectie houdt er rekening mee dat ook garagebedrijven de nadelige gevolgen ervaren. Toch is het van belang dat er toezicht blijft op gezond en veilig werken. De controles op naleving van arbozorg zullen vooral schriftelijk worden uitgevoerd. Waar nodig zal een fysieke inspectie plaatsvinden waarbij rekening wordt gehouden met de richtlijnen van het RIVM.

Arbozorg

Uit onderzoek blijkt dat slechts een derde van de bedrijven een RI&E, preventiemedewerker, bedrijfshulpverlening en een contract heeft met een arbodienstverlener. De Inspectie SZW wil dat dit aantal sterk omhoog gaat, omdat veilig en gezond werken van levensbelang zijn. Vooral kleinere bedrijven met minder dan 25 werknemers hebben de basis van hun arbozorgbeleid vaak onvoldoende uitgewerkt. Ook gebeuren er in kleinere bedrijven relatief vaker ernstige ongevallen. Door de gevaren op de werkplaats goed te inventariseren en aan te pakken, kan worden voorkomen dat werknemers slachtoffer worden van een arbeidsongeval of ziek worden door hun werk.

Hulp nodig bij het maken van een RI&E?

Discriminatie of Pesten op het werk? 1 op de 6 werknemers is slachtoffer!

En al dat discrimineren, pesten, negeren, intimideren en ongewenste seksueel aandacht kost de werkgevers klauwen vol geld. Want het slachtoffer van deze ongewenste omgangsvormen is gemiddeld 7 dagen langer ziek thuis!

De hierboven genoemde ongewenste omgangsvormen komen het meest voor in:
– Industrie 19.8%
– Openbaar bestuur 16.9%
– Vervoer 18.3%

En komen het minste voor in:
– Financiële instellingen 11.9%
– Bouw 11.7%
– Landbouw, 12.8%

En het gebeurt niet alleen op de werkvloer, maar ook digitaal. Dat veroorzaakt in veel gevallen stress, wat weer kan leiden tot psychische en fysieke klachten bij de werknemers die ermee worden geconfronteerd. In het ergste geval kan dit tot uitval van werknemers leiden.

De hierboven genoemde cijfers zijn van de Nationale Enquète Arbeidsomstandigheden 2017-2018, uitgevoerd door TNO / CBS

Op de website van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is een Handreiking Gedragscode Ongewenste Omgangsvormen voor werkgevers en werknemers beschikbaar gesteld.

Het is niet een echt werkbaar stuk, ze hebben het te mooi willen maken door de PDF beeldvullende te maken en alleen te kunnen navigeren zoals is geprogammeerd……… men moet het er maar mee doen….

Hieronder de link naar Ministerie SZW en de link om rechtstreeks van deze site te downloaden.

https://www.arboportaal.nl/documenten/publicatie/2020/02/10/handreiking-gedragscode-ongewenste-omgangsvormen

Veiligheid Bouwrondje 30 : Werk Veilig afspraken zijn er, ook in 2020, om aan je laars te lappen…..

Een afbeelding zegt vaak meer dan woorden. De eerste afbeelding laat een bouwplaats zien waar PBM verplicht zijn volgens het, in de rode cirkel aanwezige, gebodsbord.

Op moment van de opname zijn er 2 bouwvakkers zichtbaar, eentje boven op de steiger en eentje op de begane grond. Een derde bouwvakker is net achter een schutting verdwenen.

De bouwvakker op de voorgrond draagt veiligheidsschoenen maar geen helm, de bouwvakker op de steiger draagt geen helm, en de derde bouwvakker welke achter de schutting verdween had geen veiligheidsschoenen aan maar simpele sportschoenen en geen helm.

Overige constateringen: rommelige bouw, te weinig manoeuvreerruimte voor de heftruck.

De tweede afbeelding heeft betrekking op het bouwen van een steiger. Op deze bouwplaats zijn PBM verplicht en worden, in dit geval, de helm en veiligheidsschoenen, ook gebruikt.

Waar echter geen gebruik van wordt gemaakt door de steigerbouwers, is valbeveiliging.

Wel zie je af en toe iemand als een ‘aap’ op grote hoogte over de steigerbuizen lopen, of iemand staat vlak aan de rand.

Ook wat betreft werkkleding, het is inderdaad mooi weer, kan het beter, om verwondingen en wondjes te voorkomen is werken in t-shirt en korte broek not done bij dergelijke werkzaamheden.

De hele manier van werken komt helaas, in vergelijk met een industriële steigerbouwer als bijvoorbeeld BILFINGER of HERTEL, nogal amateuristisch over en vraagt om ongelukken.

Overige constateringen: rommelige bouw, bouwafval wordt soms zonder te kijken van de steiger gegooid…..

Jaaroverzicht 2019 iSZW, van 71 naar 69 dodelijke arbeidsongevallen.

Echt veel lijkt er niet verbeterd, het aantal dodelijke ongevallen is gedaald van 71 naar 69 slachtoffers. De meeste ernstige arbeidsongevallen zijn te betreuren in de bouw en afvalverwerkende industrie. De sectoren bouw, afvalbeheer, landbouw/bosbouw en visserij, industrie en vervoer en opslag staan steevast in de top 5.

De meeste dodelijke slachtoffers (in absolute zin) vielen eveneens in de sector bouw. In 2019 overleden 18 slachtoffers in de sector bouwnijverheid, gevolgd door de sectoren vervoer en opslag (10), industrie (9), landbouw / bosbouw en visserij (8) en de handel (7).

De meeste slachtoffers waren werkzaam bij bedrijven met minder dan 10 werknemers. Net als in voorgaande jaren springen de ongevalstypen ‘contact met een bewegend object’, ‘vallen (niet van hoogte)’, ‘contact met de bewegende delen van een machine’ en ‘val van hoogte’ er het meest uit.

30% komt in contact met bewegend object, 16% vallen (niet van hoogte) 16% contact met bewegende delen van machine, 14% vallen van hoogte, 8% overig, 7% overig contact met object, 8% aanrijding met een voertuig.

Deze verhouding is al 5 jaar hetzelfde. Dan mag je je toch als inspectie en veiligheidskundigen zo langzamerhand wel eens achter de oren krabben en eens goed na gaan denken over waarom we:

– het contact met een bewegend object niet naar beneden krijgen?
– het vallen (niet van hoogte) niet kunnen verminderen?
– het contact met bewegende delen van machine niet kunnen voorkomen?
– het vallen van hoogte niet (hoe cryptisch) omlaag krijgen?

Er is sprake van een ernstig ongeval als het slachtoffer opgenomen wordt in het ziekenhuis, wanneer er sprake is van blijvend letsel of als het slachtoffer overleden is aan de gevolgen.

Het aantal meldingen hiervan is tussen 2015 en 2019 toegenomen met 22%. De toename van 2019 ten opzichte van 2018 met 4% is laag te noemen, zeker als je de toename van het aantal werkenden en een bloeiende conjunctuur in acht neemt.

Het gehele rapport lezen?

Volg dan deze link: https://www.inspectieszw.nl/publicaties/rapporten/2020/05/14/monitor-arbeidsongevallen-en-klachten-arbeidsomstandigheden

Of hier downloaden?

Rechtspraak : vinger bekneld, topje weg – werkgever krijgt ruim 20.000.- Euro Bestuurlijke boete…

Op 28 juli 2017 heeft een arbeidsongeval plaatsgevonden waarbij een servicetechnicus van eiseres (hierna: de werknemer) betrokken was. Deze werknemer was bezig met het verhelpen van een storing bij een klant van eiseres. Hiervoor moest hij in een meterkast zijn. Deze meterkast bevond zich schuin tegenover een automatische schuifdeur. De werknemer opende de linkerdeur van de meterkast met de deurkruk en daarna de rechterdeur. Terwijl hij de rechterdeur nog met zijn hand openhield, ging de automatische schuifdeur open en raakte de rechterhand van de werknemer bekneld tussen de kastdeur en de automatische schuifdeur. De beknelling heeft geleid tot blijvend letsel bij de werknemer omdat het topje van zijn rechterwijsvinger is afgesneden. Hij is hiervoor behandeld in een ziekenhuis.

Eiseres is een installatiebedrijf dat onder meer brand-, toegangs- en inbraakbeveiligingssystemen levert, installeert en onderhoudt. Het overgrote deel van de activiteiten van eiseres bestaat uit het verhelpen van storingen en onderhoud. Op de dag van het ongeval waren 943 monteurs van haar werkzaam op verschillende locaties.

Het arbeidsongeval is door de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderzocht. Dit onderzoek heeft geleid tot een boeterapport van 23 juli 2018. Op 15 februari 2019 is op basis van dit boeterapport aan eiseres een boete opgelegd van € 21.750,-. De boete bestaat uit twee delen. Een boete van € 20.250,- voor het overtreden van artikel 3.17 van het Arbobesluit en een boete van € 1.500,- voor het niet tijdig melden. Deze laatste boete is niet in geschil.

Meer lezen? Volg dan onderstaande link.

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBMNE:2020:1284&showbutton=true&keyword=arbeidsongeval

Rechtspraak : Arbeidsongeval? Werkgever zorg ALTIJD voor goede verslaglegging!

De betrokken werkgever heeft verzuimd om het arbeidsongeval op een juiste manier vast te leggen, zie argumentatie van de kantonrechter.

Volgens [gedaagde sub 1] is zij door het late klagen van [eiser] op onredelijke wijze in haar belangen geschaad. Door het lange tijdsverloop is zij evident benadeeld en belemmerd in haar mogelijkheden om onderzoek te doen en bewijs te verzamelen. Zij wijst erop dat zij geen onderzoek ter plaatse meer kan doen, omdat de locatie waar het ongeval is gebeurd inmiddels niet meer bij haar in gebruik is.

De kantonrechter is het hier niet mee eens. Als goed werkgever/inlener had het op de weg van [gedaagde sub 1] gelegen direct een deugdelijk onderzoek naar de toedracht te doen en bewijsmateriaal veilig te stellen, al was het alleen al om te kunnen voldoen aan haar verplichting van artikel 9 Arbeidsomstandighedenwet om arbeidsongevallen met blijvend letsel of ziekenhuisopname aan de Arbeidsinspectie te melden.

Dit heeft [gedaagde sub 1] niet, of in ieder geval onvoldoende, gedaan. [gedaagde sub 1] heeft weliswaar een meldingsformulier laten opmaken, maar dit is verre van volledig ingevuld:

  • de toedracht is uitermate summier omschreven;
  • het is niet duidelijk van wie die omschrijving afkomstig is (de leidinggevende, de melder, de in het formulier genoemde getuige, iemand anders?);
  • het is niet duidelijk wat bedoeld is met “Advies wat ik gegeven heb sloeg hij in de wind”, omdat niet is vermeld waaruit dat advies bestond;
  • er is niet aangekruist of er sprake was van letsel of schade;
  • bij “Aard letselschade” is niets ingevuld;
  • er is niet aangegeven of opname in het ziekenhuis heeft plaatsgevonden of niet;
  • er is niet aangegeven of het ongeval bij de Arbeidsinspectie is gemeld of niet;
  • er is aangekruist als oorzaak “Onoplettendheid van derden (ingeleend personeel)” zonder dat dit is toegelicht;
  • bij “Handtekening slachtoffer” is geen handtekening geplaatst. Hieruit leidt de kantonrechter af dat de stelling van [eiser] dat hij niet bij de opstelling van het meldingsformulier is betrokken juist is.

De kantonrechter merkt verder nog op dat als het voor [gedaagde sub 1] niet direct duidelijk was of sprake was van blijvend letsel en/of ziekenhuisopname, het op haar weg had gelegen hierover contact te houden met het uitzendbureau (welk contact er volgens [eiser] wél is geweest, maar volgens [gedaagde sub 1] zelf niet).

Als zij dit zou hebben gedaan moet aangenomen worden dat zij dan op de hoogte zou zijn geraakt van het feit dat (uiteindelijk) wél sprake was van blijvend letsel en ziekenhuisopname. Zij had dan het ongeval alsnog moeten melden bij de Arbeidsinspectie. Aangenomen moet worden dat in dat geval een onderzoek door de Arbeidsinspectie zou zijn ingesteld, en dat in dat geval de toedracht voldoende duidelijk zou zijn vastgelegd.

3.0 De beslissing

De kantonrechter:

3.1 verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1] aansprakelijk is voor de schade die [eiser] lijdt door het arbeidsongeval dat hem op 16 juni 2011 is overkomen;

3.2 wijst het verzoek tegen NN af;

3.3 begroot de kosten van dit deelgeschil op € 6.365,74 en veroordeelt [gedaagde sub 1] tot betaling daarvan aan [eiser] ;

3.4 veroordeelt [eiser] in de kosten van deze procedure aan de kant van NN begroot op € 543,00.

3.5 wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. P. Krepel en is in het openbaar uitgesproken op 22 januari 2020.1




De gehele tekst lezen? Volg dan onderstaande link

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBMNE:2020:706&showbutton=true&keyword=arbeidsongeval

Lost Time Incident (LTI) of Tipp-Ex ongeval??

Niet alle meldingsplichtige arbeidsongevallen daadwerkelijk gemeld bij iSZW.

Geschat wordt dat de InspectieSZW niet op de hoogte is gesteld van circa 30% tot ruim 50% van deze ongevallen. Zoals uit het onderzoek ‘Arbo in bedrijf 2016’ blijkt, is het niet op de hoogte zijn van de meldingsplicht één van de redenen waarom er niet is gemeld.

Een andere reden zou kunnen zijn dat men deze niet meldt omdat dit de score van de LTI vrije dagen weer op nul zet…..

Want wie kent de verhalen niet? Of heeft hier als leidinggevende of als veiligheidskundige zelf aan meegewerkt?

Voorbeeld 1.
Johan is onderhoudsmonteur op een groot chemisch bedrijf. Tijdens zijn werkzaamheden verstuikt hij zijn enkel zwaar, oorzaak, de afstand tussen de traptreden en de afstand van laatste trede naar de vloer verschilt. Hierdoor verstapt hij zich.

Johan kan haast niet meer lopen, en gaat samen met een collega naar de huisarts. Deze adviseert om de enkel de komende dagen niet te belasten.

Johan komt terug op het werk en mag van zijn leidinggevende ‘kiezen’ of naar huis, of om de LTI score op het bord bij de poort niet op nul te hoeven te zetten, achter een bureau vervangend werk gaan doen……

Voorbeeld 2.
Gerard is als uitzendmedewerker al enkele jaren werkzaam bij een groot Petro Chemisch bedrijf. Als schoonmaakmedewerker moet hij soms op moeilijke plekken schoonmaken.

Tijdens schoonmaakwerkzaamheden na een spil van olieresidu op een kleine verhoging glijdt Gerard onderuit, hij komt ongelukkig terecht doordat op de kleine verhoging geen reling is gemonteerd, en belandt daardoor een 1/2 meter lager dan waar hij werkzaam was, op een roostervloer.

Gerard heeft zijn rechtersleutelbeen gebroken, en kan in feite niets meer en gaat langere tijd de ziektewet in.

Het Petro Chemie bedrijf houdt alleen de incidenten van de eigen medewerkers bij. Het incident heeft geen gevolgen voor scorebord bij de hoofdingang van het bedrijf….

En zo zullen er veel meer voorbeelden zijn van incidenten welke niet worden meegenomen in registratie’s of ondergebracht zijn in andere categorieën.

Dit met alleen maar als doel om het aantal ernstige incidenten zo laag als mogelijk te houden.

Daarom kan ik mij prima vinden in het initiatief van  Bart Vanraes, freelance preventieadviseur met een ruime ervaring hoe veiligheid in de praktijk wel, of juist niet werkt.

Bart heeft naar aanleiding van zijn eigen bevindingen met incidenten zijn initiatief omgezet in een website, te weten tippexongeval.be. Mocht u meer over zijn initiatief willen weten volg dan onderstaande link.


https://tippexongeval.be/werkelijke-ernstgraad/

Lijst iSZW januari 2020: kankerverwekkende & mutagene stoffen en processen

Ter verduidelijking van de vraag om welke stoffen en processen het hier in ieder geval gaat, houdt het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een lijst* bij van kankerverwekkende stoffen ingedeeld in categorie 1A of 1B als bedoeld in bijlage I van de Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006. Deze lijst bestaat uit stoffen en processen die:

– door de EU ingedeeld zijn als zodanig en opgenomen in bijlage VI van Verordening (EG) nr. 1272/2008 en bijlage 1 bij Richtlijn 2004/37/EG,
en/of

– door de Gezondheidsraad zijn ingedeeld als kankerverwekkend

Deze versie van de lijst is ook te vinden op http://www.rijksoverheid.nl (http://www.rijksoverheid.nl/ onderwerpen/gevaarlijke-stoffen). 2 maal per jaar wordt de meest recente versie gepubliceerd in de Staatscourant.

Of download de volledige versie hieronder. (PDF)

BRZO 2020 : een gewaarschuwd bedrijf telt voor twee!


Nieuwsbericht gepubliceerd door iSZW op | 09-12-2019 | om 11:00

De Inspectie SZW gaat komend jaar alle BRZO-bedrijven inspecteren. In de afgelopen jaren werden ongeveer 60% van deze bedrijven door de Inspectie bezocht. Uitbreiding met een aantal gespecialiseerde inspecteurs zorgt ervoor dat alle bedrijven nu een bezoek van de Inspectie kunnen verwachten.

In Nederland zijn er ongeveer 400 bedrijven die onder het Besluit risico’s zware ongevallen 2015 vallen, variërend van complexe chemische industrie tot relatief eenvoudige opslagbedrijven voor bepaalde typen gevaarlijke stoffen.

De verschillende BRZO- toezichthouders, zoals omgevingsdiensten, Inspectie SZW, veiligheidsregio en Rijkswaterstaat, werken samen om te zorgen dat de meest risicovolle bedrijven van het land de veiligheidsregels eenduidig naleven. Deze samenwerking is in de loop der jaren steeds verder geprofessionaliseerd zodat het toezicht op die regels overal hetzelfde verloopt.

Op drie thema’s gaat de Inspectie SZW komend jaar specifiek controleren. Dat zijn: het gebruik van mobiele arbeidsmiddelen in gevarenzones, het veilig uitvoeren van niet-routinematige werkzaamheden (waaronder onderhoud) en of het door het bedrijf gehanteerde veiligheidsbeheerssysteem nog up to date is.

Daarnaast gaat de Inspectie SZW het toezicht op blootstelling aan gevaarlijke stoffen intensiveren. Juist om te zorgen dat bedrijven naast de procesveiligheidsrisico’s ook de (chronische) blootstelling beter beheersen.

Ook zal de Inspectie controleren op het opstellen van een R&IE door de BRZO-bedrijven.

Werkgevers zijn zelf verantwoordelijk voor de veiligheid binnen hun bedrijf. Zij moeten voldoende maatregelen nemen waardoor zij zware ongevallen voorkomen en gevolgen van een eventueel ongeval of blootstelling aan gevaarlijke stoffen beperken.

Controleer eenvoudig de arboverplichtingen voor het werken met gevaarlijke stoffen met de Zelfinspectie Gevaarlijke stoffen.